Home

 

De vorm van de wieken, de overbrengverhouding en de molenstenen (grootte en scherpsel) dienen nauwkeurig op elkaar afgestemd te zijn. Er moet dus een balans heersen in de gehele molen. Bij de Grauwe Beer is dit eens fout gegaan, daarover verschijnt hier later meer.
De overbrengverhouding van de molenas op de steenspillen zoals dat op de huidge molen is:

 

Aswiel:
Wieg:
Spoorwiel:
Steenrondsel (15der):
Steenrondsel (17der):

Overbrengverhouding 15der:
Overbrengverhouding 17der:

 

60
31
79
26
24

6,37
5,88

 

                                                                 

Situatie gewijzigd

Vóór 1990 had de wieg 28 staven. Deze hergebruikte wieg is ooit op steek gebracht van het aswiel van de Grauwe Beer. Dit is nog duidelijk zichtbaar. De steekcirkel is kleiner gemaakt. Voor de staven zijn nieuwe gaten geboord en de schijven zijn omgedraaid. De standplaats van de stut van vóór de aanpassing zijn duidelijk zichtbaar.

Voorheen was de overbrenging dus als volgt:

overbreng_picture1  De oude wieg. Had 28 staven.

Aswiel:
Wieg:
Spoorwiel:
Steenrondsel (15der):
Steenrondsel (17der):

Overbrengverhouding 15der:
Overbrengverhouding 17der:

60
28
79
26
24

7,05
6,51
 

 

  overbreng_picture2

Te zien is hoe de steekcircel kleiner is gemaakt

Deze oude wieg moet nog op de Grauwe Beer aanwezig zijn.

 

Literatuurverwijzing:

De Molens van Limburg, P.W.E.A. Van Bussel 1990

Korenmolens, van ambacht tot industrie, P.W.E.A. Van Bussel 1981

De Nederlandse Molendatabase
www.molendatabase.nl

 


 
 
 
Laatst aangepast op vrijdag 17 december 2010 15:42