Home

 

Zolderindeling

De zolderindeling van de Grauwe Beer is anders dan in de gemiddelde Limburgse korenmolen te bewonderen is. De molen heeft slechts twee zolders. Eén maalzolder en een steenzolder. Een luizolder en kapzolder ontbreken.

De gebroeders Cuypers meende al dat de huidige zolderindeling van De Grauwe Beer niet altijd zo is geweest. Dat de molen dus, waarschijnlijk bij de verplaatsing naar Beesel, veranderd zou zijn. Ook de latere eigenaar Derckx was deze mening toegedaan. Hoe overtuigd men ook was, hun verklaringen waren te kort door de bocht.

bouw_picture1

Tekening van De Grauwe Beer zoals
die in de houtzaagperiode was. Zaagschuren met in het midden
een vierkante onderbouw
waarop de molen staat

Te kort door de bocht

De huidige molen heeft een aantal constructie kenmerken die de gedachtegang zou kunnen verklaren dat de molen ooit hoger en groter moet zijn geweest. De belangrijkste daarvan zijn de vlucht van de molen (21,60 meter) en de achtkantstijlen van de molen (de acht hoekstijlen waar de romp van de molen uit bestaat) die een anderhalve meter doorlopen in de molenberg. Zou men die achtkantstijlen óp de molenberg zetten, zoals dat meestal gebeurd bij (Zuid)Oost-Nederlandse achtkante molens, dan zou de molen een vlucht van rond de 25 meter krijgen en kwam er in de romp plaats voor een of twee extra zolders, n.l de missende lui- en kapzolder. De vlucht van de molen zou dan groter worden en uitkomen op de (voor Limburg) gemiddelde 25 meter.

 

Houtzagersverleden

Hoe logisch en geloofwaardig dit ook klinkt, uit een onderzoek blijkt dat dit absoluut niet het geval is geweest. Sterker de Grauwe Beer is precies even groot dan in de Zaanstreek! De verklaring voor de bijzondere en unieke verschijningsvorm van de molen moet worden gezocht in het houtzagers verleden van de Grauwe Beer.

 

Constructie houtzaagmolen

De Grauwe Beer in de zaanstreek was een houtzaagmolen op schuur. Men moet zich daarbij een langwerpige schuur voorstellen waarop een molen staat. Een zwichtstelling of galerij rond de molen maakte het mogelijk dat de molen bediend kon worden. In die schuur speelde zich het zagen af, de molen was als het ware de motor voor de zagerij.
Om zaagmolens ruimte te geven op de zaagvloer staan de achtkante molens altijd op een vierkante onderbouw. Dit is een belangrijk constructie kenmerk.

bouw_picture7

Molen 'De Nachtegaal' tijdens de afbraak in 1898.

bouw_picture8

De Grauwe Beer tijdens de herbouw in 1982-1983



De foto hier linksboven laat een Zaanse houtzaagmolen zien die vrijwel identiek is aan de Grauwe Beer. Deze molen is hier gefotografeerd tijdens de afbraak in 1898. Te zien is dat deze molen ook die lange achtkant-stijlen heeft. Deze lopen door tot onder de stelling, die hier reeds verwijderd is. De foto van de Grauwe Beer, hier rechtsboven, laat duidelijk zien dat het om een zelfde molen gaat. Het grootste verschil is dat de Grauwe Beer iets plomper van stuk is.
Dit betekende dat de houtzaagmolen maar twee zolders had. Zoals de meeste achtkante molens overigens en die in de Zaanstreek in het bijzonder. De twee zolders zijn in dit geval de krukzolder en de kapzolder geweest. De krukzolder werd zo hoog mogelijk in het achtkant geplaatst zodat de zogenaamde kolderstokken genoeg lengte kregen om de zaagramen onderin de zaagschuur zo efficiënt mogelijk aan te drijven. De kapzolder diende om de kap in te kunnen komen.
Vanaf het ondervierkant, waarop ook een vloer lag, was de stelling te bereiken via een opgaand trapje. Immers de stelling ligt een stukje hoger dan de vloer van het onderachtkant. Hier te zien in molen de Rat in IJlst.

bouw_picture6

Trapje naar de stelling in De Rat in IJlst. De stijlen lopen door onder de stelling.

bouw_picture5

Rood: schematische weergave van het gaande werk.
Geel: schematische weergave van het staande werk
wit: schematische weergave van het achtkant zoals dat in tact bleef
bruin: ombouw van de molen

Klik hier voor
een vergroting

De witte lijnen geven het achtkante molenlijf van de Grauwe Beer weer. Te zien is hoe dat lijf stond op de vierkante onderbouw in Zaandam en hoe datzelfde achtkant in 1891 in Beesel als beltmolen is herbouwd.
Om de molen bedienbaar te maken moest men de achtkantstijlen dus laten zakken in de molenberg. Ook aan de zolderindeling is niet gesleuteld, al kwam men minimaal één zolder te kort. De zolder waar in Zaandam de krukas draaide, de krukzolder, is in Beesel gebruikt om de molenstenen te dragen. Dit was al een zwaar uitgevoerde zolder. Het gangwerk voor de aandrijving van de molenstenen kreeg een plaats op de voormalige kapzolder. Hierdoor kon er geen vloer meer op de kapzolder worden aangelegd. Om zakken graan naar boven te hijsen werd een lui-as aangedreven door het spoorwiel (grote radiaalwiel onder aan de koningsspil) middels een sleepwiel. Een aparte luitafel werd dus overbodig. Deze typische constructie heeft als gevolg dat zakken in de Grauwe Beer met grote snelheid naar boven gaan.
Om het meel op te vangen was een meelzolder nodig. Deze werd aangelegd door balken tussen de achtkantstijlen op te hangen. Het was dus geen echte bintlaag, maar een tussen de achtkantstijlen gemaakte balkenconstructie. Deze werd iets hoger dan de molenbelt opgehangen omdat juist daar in de oorspronkelijke constructie van de molen een loze regel in de velden hangt. Zo'n regel maakt het mogelijk om de vloerdelen aan de rondom te laten dragen door de molen. Deze loze regel is ook te zien op de foto van molen de Nachtegaal en tegenwoordig in molen De Rat in IJlst.
De vlucht van de molen is ook onveranderd gebleven. Op oude foto's is te zien dat de molen nog met zijn Zaanse roeden maalt. Deze waren van grenenhout en zijn pas in 1930 vervangen. Van de buurman houtzaagmolen in Zaandam, molen de Eikenboom, is bekend dat deze een vlucht had van 76 voet. Dit komt neer op 21,50 meter. Ook de nu nog bestaande Zaanse houtzaagmolen De Rat heeft een vlucht van 21,50 meter. (De Grauwe Beer heeft nu een vlucht van 21,60 meter.)

Conclusie

De Grauwe Beer is bij de verplaatsing naar Beesel qua constructie helemaal niet veranderd. De zolderindeling is geheel gelijk gebleven. De sporen van de krukaslagers zijn vandaag de dag nog in de molen terug te vinden. De zware legeringsbalken (bintbalken) die de krukas gedragen hebben, welke een typisch kenmerk zijn voor Zaanse houtzaagmolens, zijn ook nog in de molen terug te vinden. De vlucht van de molen is gebleven zoals de Zaanse molen die had en is ook een gemiddelde vluchtlengte voor een volwassen Zaanse molen.
Het ophogen van de molen is in 1981-1983 door de Rijksdienst voor Monumentenzorg (RDMZ) terecht afgewezen en heeft de molen veel ellende bespaard. Een ophoging zou, buiten dat het historisch onverantwoord is, verschillende technische problemen met zich mee hebben gebracht omdat de molen er niet voor gebouwd is.

Molen De Rat

Ooit maalde in de Zaanstreek 250 houtzaagmolens. Dit moet een indrukwekkend gezicht zijn geweest. De Grauwe Beer maakte ooit deel uit van dat molenpanorama dat zijn weerga niet kende. Echter er is in de Zaanstreek niet één achtkante houtzaagmolen overgebleven. Vele molens werden gesloopt of gingen door brand verloren. Sommige werden na de sloop weer herbouwd in een ander deel van het land. Dit is ook de Grauwe Beer overkomen, hoewel de molen van functie veranderde.
In het Friese IJlst staat nog dagelijks molen 'De Rat' te malen. Deze molen is ook uit de Zaanstreek afkomstig, alwaar hij als molen De Walrot hout zaagde. Hij stond vroeger in een rij langs de Zaan met de Grauwe Beer en De Dikkert. Alle drie houtzaagmolen en alle drie bestaan ze nog (De Dikkert in Amstelveen).
Molen de Rat is qua bouw hetzelfde als de Grauwe Beer. Op details na is de romp vrijwel identiek aan de molen die in Beesel staat. Zelfs de vlucht van de molen scheelt slechts 10 centimeter (5 cm per wiek). Hoe de Grauwe Beer er vóór 1891 heeft uitgezien is in Friesland dus nog levensecht te bewonderen.
De Rat in IJlst en de Dikkert in Amstelveen (hoewel deze iets anders van constructie is, doordat de romp van een poldermolen is geweest) zijn de enige bewaard gebleven complete Zaanse achtkante houtzaagmolens.

 

De Rat met nieuwe kap 3 september 2005

Houtzaagmolen De Rat in IJlst is sterk verwant aan de Grauwe Beer.

Tot slot

De huidige unieke en zeer bijzondere verschijningsvorm van de Grauwe Beer heeft dus alles te maken met de geschiedenis van de molen. Een geschiedenis waar respect voor dient te bestaan. En die het afdwingt dat een dergelijk uniek monument in Beesel niet veranderd mag worden. Behoud van een monument kan alleen met kennis van het monument!

 

 

bezwaren van het ophogen,lees elders op deze website

Meer over houtzagenmolens elders op deze website:
De geschiedenis van het houtzagen

Meer over Houtzaagmolen De Rat in IJlst:
website de Rat
De Rat in de Nederlandse Molendatabase

Meer over de Dikkert:
De Dikkert in de molendatabase

Meer over de Twickelse zaagmolen:
www.zaagmolen.nl
Molendatabase

Meer over molen Den Oordt in Ommen
Den Oordt in de Nederlandse Molendatabase

Meer over het Jonge Schaap
www.hetjongeschaap.nl

 
  Bronnen:

Dick Zweers
Frans Rutten (Leiden)
Simon Jellema
Wiel Nijssen
Coen Luttels

Literatuurverwijzing:

Molenbouw,Anton Sipman
De Walburgpers Zutphen

Ontheemde Zaansse Molens, Arian M.H. Smit
2005

Voorheen Zaanse Molens, Remco van den Berg
2000-2004

De Molens van Limburg, P.W.E.A. Van Bussel 1990

Het achtkant nader beschouwd, Frank Terpstra
(De Utskoat nr. 105 van maart 2002.)

Nieuwe feiten over Zaanse Molens, Ron Couwenhoven
www.duizendzaansemolens.nl

De Nederlandse Molendatabase
www.molendatabase.nl